Tags: AvA

Hoofdstuk 3: Aandachtspunten voor de voorzitter van de algemene vergadering

Auteur Prof. mr. B. Bier
Referentie publicatie Bier, B., (2011), In: Lückerath-Rovers, M., B. Bier, M. Kaptein, en L. Paape (eds.), Jaarboek Corporate Governance 2011-2012, Deventer: Kluwer.
Inleiding In hoofdstuk 3 worden door Barbara Bier enkele aandachtspunten voor de voorzitter van de algemene vergadering besproken. Daarbij wordt ook aandacht besteed aan procedurele aspecten rondom en in de algemene vergadering welke belangrijk zijn voor een geldige besluitvorming door de algemene vergadering en een ordentelijk verloop van de algemene vergadering.
Biografie auteurs: Prof. mr. Barbara Bier is lid van de redactie van dit Jaarboek Corporate Governance,  hoogleraar Ondernemingsrecht en Corporate Governance aan Nyenrode Business Universiteit en als adviseur verbonden aan Stibbe, waar zij voorheen partner en notaris ondernemingsrecht was. Zij heeft veelvuldig al dan niet beursgenoteerde vennootschappen geadviseerd over verschillende Corporate Governance vraagstukken. Barbara is lid van de Gecombineerde Commissie Vennootschapsrecht. Zij zit in de redactie van TOP (Tijdschrift voor de Ondernemingsrecht Praktijk) en is lid van de hoofdredactie van SDU Commentaar Ondernemingsrecht. Zij publiceert en doceert regelmatig op het gebied van Corporate Governance en vennootschapsrecht, in het bijzonder over uitkeringen aan aandeelhouders en is (mede) auteur en bewerker van verschillende boeken op het gebied van het vennootschapsrecht.

Hoofdstuk 1: ‘Vrucht van onderling overleg’: naar een AVA voor de 21e eeuw

Auteur Mr. drs. N. Lemmers en Mr. J.M. Slagter
Referentie publicatie Lemmers, N. en J.M. Slagter, (2012), Vrucht van onderling overleg': naar een AVA voor de 21e eeuw. In: Lückerath-Rovers, M., B. Bier, H. Van Ees en M. Kaptein (eds.), Jaarboek Corporate Governance 2012-2013, Deventer: Kluwer.
Inleiding In hoofdstuk 1 beschrijven Niels Lemmers en Jan Maarten Slagter eerst de veranderende positie van de aandeelhouders in de afgelopen jaren. Zij gaan in op de rechten en verplichtingen van aandeelhouders rondom de AVA. Graag zouden zij zien dat de AVA daadwerkelijk een podium is waar wordt gediscussieerd over de gang van zaken bij de vennootschap. Zij houden daarbij specifiek ook de positie van de particuliere aandeelhouders in gedachten. Lemmers en Slagter houden ook rekening met de veranderende technologische mogelijkheden en maken daarom een onderscheid tussen een fysieke en virtuele aanwezigheid van aandeelhouders.
Biografie auteurs: Mr. drs. Niels Lemmers is jurist en public affairs manager bij de Vereniging VEB NCVB. Hij vertegenwoordigt de beleggersvereniging VEB in juridische zaken en in het brede maatschappelijke debat over corporate governance, beleggen en beleggersbescherming en de werking en regulering van de financiële markten. Hij studeerde zowel Vennootschaps -en Effectenrecht als Financiële Economie aan de Radboud Universiteit te Nijmegen. Na gewerkt te hebben bij de AFM was hij wetenschappelijk medewerker bij het Van der Heijden Instituut aan dezelfde universiteit. Zijn publicaties richten zich op het vennootschapsrecht en effectenrecht met zowel een juridisch als economisch perspectief, de werking van de financiële markten en de positie van beleggers.

Mr. Jan Maarten Slagter is directeur van de Vereniging VEB NCVB. Hij vertegenwoordigt de VEB in juridische procedures, in de media en het maatschappelijke debat over beleggen, corporate governance en de financiële markten. Hij is onder meer voorzitter van de Vereniging voor Effectenrecht, lid van de Commissie kapitaalmarkt van de AFM en bestuurslid van de Stichting Klachteninstituut Financiële Dienstverlening. In Europees verband is hij vice-president van Euroshareholders en betrokken bij diverse regelgevingsinitiatieven van de Europese Commissie. Hij schrijft columns over economische onderwerpen in de Financiële Telegraaf, Management Team en op FD.nl. Hiervoor was hij financieel journalist bij Het Financieele Dagblad in Londen en Amsterdam en advocaat te Amsterdam.

Hoofdstuk 5: De belangrijkste ontwikkelingen en bevindingen uit het aandeelhoudersvergaderingenseizoen 2013

Auteur drs. R. Abma
Referentie publicatie Abma, R., (2013), De belangrijkste ontwikkelingen en bevindingen uit het aandeelhoudersvergaderingenseizoen 2013 . In: Lückerath-Rovers, M., B. Bier, H. van Ees en M. Kaptein (eds.), Jaarboek Corporate Governance 2013-2014, Deventer: Kluwer.
Inleiding In hoofdstuk 5 beschrijft Rients Abma de belangrijkste ontwikkelingen en bevindingen uit het 2013-aandeelhoudersvergaderingen seizoen. Ondanks zijn conclusie dat het aandeelhouderseizoen een relatief rustig seizoen was, beschrijft hij in het hoofdstuk een aantal tendensen die zichtbaar een positieve invloed kan hebben op de checks and balances binnen de Nederlandse beursgenoteerde ondernemingen op de lange termijn.
Biografie auteurs: Drs. Rients Abma is sinds 1 januari 2006 directeur van Eumedion. Eumedion is het corporate governance en duurzaamheidsplatform van institutionele beleggers. Abma werkte tussen 2000 en 2005 bij het Ministerie van Financiën als beleidsadviseur op het terrein van corporate governance. In 2003 was hij secretaris van de Commissie Tabaksblat en tussen eind 2004 en 1 augustus 2005 secretaris van de Monitoring Commissie Corporate Governance Code (of: Commissie Frijns). Tussen 1996 en 2000 werkte hij als secretaris Economische Zaken bij werkgeversorganisatie VNO-NCW.

Hoofdstuk 15: De belangrijkste ontwikkelingen en bevindingen uit het aandeelhoudersvergaderingenseizoen 2014

Auteur Drs. R. Abma
Referentie publicatie Abma, R. (2014), De belangrijkste ontwikkelingen en bevindingen uit het aandeelhoudersvergaderingenseizoen 2014 In: Lückerath-Rovers, M., B. Bier, H. van Ees en M. Kaptein (eds.), Jaarboek Corporate Governance 2014-2015, Deventer: Kluwer.
Inleiding Rients Abma beschrijft in hoofdstuk 15 de belangrijkste ontwikkelingen en bevindingen uit het aandeelhoudersvergaderingenseizoen van 2014. Hij concludeert dat het AVA-seizoen 2014 relatief rustig is verlopen: slechts één bestuursvoorstel werd verworpen. Abma beschrijft vervolgens een aantal opvallende zaken in dit jaar, zoals een ‘hercalibratie’ van prestatiecriteria, het gebruik van een beschermingsconstructie, de toekenning van transactiebonussen en de verplichting tot periodieke roulatie van het accountantskantoor.
Biografie auteurs: Drs. Rients Abma is sinds 1 januari 2006 directeur van Eumedion. Eumedion is het corporate governance en duurzaamheidsplatform van institutionele beleggers. Abma werkte tussen 2000 en 2005 bij het Ministerie van Financiën als beleidsadviseur op het terrein van corporate governance. In 2003 was hij secretaris van de Commissie Tabaksblat en tussen eind 2004 en 1 augustus 2005 secretaris van de Monitoring Commissie Corporate Governance Code (of: Commissie Frijns). Tussen 1996 en 2000 werkte hij als secretaris Economische Zaken bij werkgeversorganisatie VNO-NCW.

H14 De belangrijkste ontwikkelingen en bevindingen uit het aandeelhoudersvergaderingenseizoen 2015

Auteur Drs. R. Abma
Referentie publicatie H14 De belangrijkste ontwikkelingen en bevindingen uit het aandeelhoudersvergaderingenseizoen 2015 In: Lückerath-Rovers, M., B. Bier, H. van Ees en M. Kaptein (eds.), Jaarboek Corporate Governance 2015-2016, Deventer: Kluwer.
Inleiding Rients Abma beschrijft in hoofdstuk 14 wederom de belangrijkste ontwikkelingen en bevindingen uit het aandeelhoudersvergaderingenseizoen van 2015 met ons deelt. Hij concludeert dat de positieve effecten van de min of meer continue dialoog tussen beursvennootschappen en hun aandeelhouders steeds beter zichtbaar worden in de uitslagen van de stemmingen op de aandeelhoudersvergaderingen (AVA’s). Steeds meer vennootschappen sonderen voorafgaand aan de AVA bij hun belangrijkste aandeelhouders of hun voorstellen op voldoende steun kunnen rekenen en passen hun voorstellen aan aan de belangrijkste stemgedragrichtlijnen van hun aandeelhouders.
Biografie auteurs: Drs. Rients Abma is sinds 2006 directeur van Eumedion. Eumedion is het corporate governance en duurzaamheidsplatform van institutionele beleggers. Abma werkte tussen 2000 en 2005 bij het Ministerie van Financiën als beleidsadviseur op het terrein van corporate governance. In 2003 was hij secretaris van de Commissie Tabaksblat en tussen eind 2004 en 1 augustus 2005 secretaris van de Monitoring Commissie Corporate Governance Code (of: Commissie Frijns). Tussen 1996 en 2000 werkte hij als secretaris Economische Zaken bij werkgeversorganisatie VNO-NCW.